07-08 t/m 07-10 Tentoonstelling Saskia Wevers

07-08 t/m 07-10 Tentoonstelling Saskia Wevers

Vanaf 7 augustus zal in de Grote Kerk in Epe het werk van Saskia Wevers uit Zwolle te zien zijn. Saskia Wevers (Winterswijk, 1953) schildert sinds haar opleiding in een krachtig handschrift, liefst in lees meer:

Sobere maaltijden in de Grote Kerk

Sobere maaltijden in de Grote Kerk

Samen op weg naar Pasen Ontmoeting en bezinning bij vier sobere maaltijden op vier vrijdagen tijdens de vastentijd in vier kerken in Epe. De Raad van Kerken Epe nodigt iedereen (volwassenen en kinderen) lees meer:

Nieuwe foto's

Nieuwe foto's

Klik in menubalk op 'Fotoalbum'    Hier zijn nieuwe foto's te bekijken. lees meer:

  • 07-08 t/m 07-10 Tentoonstelling Saskia Wevers

    07-08 t/m 07-10 Tentoonstelling Saskia Wevers

    Vanaf 7 augustus zal in de Grote Kerk in Epe het werk van Saskia Wevers uit Zwolle te zien zijn....

  • Sobere maaltijden in de Grote Kerk

    Sobere maaltijden in de Grote Kerk

    Samen op weg naar Pasen Ontmoeting en bezinning bij vier sobere maaltijden op vier vrijdagen...

  • Nieuwe foto's

    Nieuwe foto's

    Klik in menubalk op 'Fotoalbum'    Hier zijn nieuwe foto's te bekijken.

De boom in?
Als je tegen iemand zegt ‘je kunt de boom in’, dan is dat over het algemeen niet aardig bedoeld. Het laat aan duidelijkheid niets te wensen over: die ander kan je op dat moment even niets schelen. Misschien – en moet ik zeggen hopelijk? – is het een uitdrukking die u zelden of nooit gebruikt. Maar toch. Zou het kunnen dat we, onuitgesproken, onbewust en ongewild, een ander toch best weleens die boodschap geven: je kunt de boom in? Aan de hand van het verhaal van Zacheüs wil ik daar even nader op ingaan.

Zacheüs
Wie het verhaal over Zacheüs kent, weet dat hij letterlijk ‘de boom in’ gaat. Want wat is daar aan de hand: Zacheüs is iemand die zich, door zelfverrijking en corruptie, in zijn woonplaats niet populair heeft gemaakt. Nu komt Jezus naar de stad waar Zacheüs woont, en is Zacheüs best nieuwsgierig wie deze Jezus nu eigenlijk is. Hij wil dus een kijkje gaan nemen, maar vanwege alle mensen rondom Jezus en doordat Zacheüs zelf klein van stuk is, ziet hij niets. Daarop verzint Zacheüs een plan B: hij loopt snel een stuk vooruit en klimt in een boom. Vandaar uit kan hij Jezus toch zien als hij langs komt. Op dat moment gebeurt iets onverwachts: Jezus ziet Zacheüs in die boom zitten – en noemt hem bij zijn naam. Hij zegt dat Zacheüs snel naar beneden moet komen omdat hij bij hem thuis wil komen. Blijdschap overvalt Zacheüs, maar ‘de mensen’ spreken er schande van: wat moet Jezus nu uitgerekend bij die Zacheüs die door iedereen wordt uitgekotst? Toch voelt Zacheüs zich door Jezus zodanig aangesproken dat hij voortaan anders wil: hij zal de helft van zijn bezit wegschenken aan de armen en wat hij oneerlijk heeft verkregen, zal hij viervoudig vergoeden. Jezus noemt deze verandering niets minder dan redding, redding die Zacheüs ten deel is gevallen omdat ook hij een ‘zoon van Abraham’ is. En Jezus, ‘de Mensenzoon’, is juist gekomen om te zoeken en te redden wat verloren was. 
(zie Lucas 19:1-10)

De mensen
Nu kun je in het verhaal over Zacheüs van alles lezen. Mijn aandacht wordt dit keer getrokken naar de rol van ‘de mensen’ zoals die zich in dit verhaal rondom Jezus bewegen. Dit zijn de mensen die dicht bij Jezus (willen) staan en enthousiast zijn over zijn aanwezigheid. Daar is op zich natuurlijk niets mis mee. Maar tegelijk keren ze met hun houding een outsider als Zacheüs de rug toe. Ontnemen ze, als groep, iemand van buiten die groep het zicht om te ontdekken wie Jezus is. Het lijkt wel of ze vinden dat het vanzelfsprekend is dat zij dichtbij Jezus zijn, en doen daarbij geen enkele moeite om rekening te houden met iemand als Zacheüs. En hoewel het niet met woorden wordt gezegd, blijkt het wel uit hun houding en loopt het daar ook letterlijk op uit: Zacheüs kan de boom in! Ach, iemand als Zacheüs hoort er toch ook duidelijk niet bij? Maar als vervolgens blijkt dat Jezus ook iemand als Zacheüs wel degelijk kent en wil aanspreken, iemand die toch lang niet zo fatsoenlijk en deugdzaam is als zijzelf, dat hij zelfs bij hem thuis wil komen – dan zijn de mensen verbaasd, verongelijkt, en beginnen ze te mopperen.

Deze tijd
Veel mensen in onze tijd zou je kunnen betitelen als ‘Zacheüssen’ die best wel nieuwsgierig zijn naar Jezus, mensen die als het ware dichter bij het Mysterie willen komen, die verlangen om een glimp op te vangen van een Goddelijke aanwezigheid in deze wereld, zoals Jezus in die stad. In Zacheüs kun je dus ‘de zoekende mens’ zien - man of vrouw, jong of oud – die uitkijkt naar zin en betekenis en ervaringen van spiritualiteit en diepgang, maar die, om welke reden dan ook, geen deel uitmaakt van die groep mensen rondom Jezus. En die groep mensen rondom Jezus zou je zo bekeken kunnen vergelijken met de kerk! Ook dat zijn immers mensen die zich ‘rond Jezus bewegen’, mensen die in hun leven op de één of andere manier op Jezus gericht zijn en dicht bij hem willen staan. 

Spiegel
Maar dan houdt het verhaal over Zacheüs juist onszelf als kerk in deze tijd ook wel een spiegel voor! Hoe staan wij eigenlijk tegenover degenen die geen deel uitmaken van ‘onze groep’? Laten zij ons onverschillig? Wekken we misschien ook de indruk dat we eigenlijk vinden dat Jezus alleen bedoeld is voor zogenaamd ‘fatsoenlijke en deugdzame’ mensen zoals wijzelf? Zijn we zo op onszelf en onze plek rond Jezus gericht, dat we ondertussen anderen de rug toekeren? Kan het zijn dat de kerk in deze tijd, door hoe zij zichzelf – veelal onbewust en onopzettelijk – ziet en opstelt, andere zoekers in feite het zicht ontneemt op Jezus, op zijn boodschap, zijn verpersoonlijking van God als eeuwige liefdevolle aanwezigheid voor ieder mens en heel deze aarde?
Oftewel: jagen we als kerk zoekers ‘de boom in’?
En als iemand buiten de eigen groep zich net als Zacheüs desondanks toch op een of andere manier van Godswege aangesproken weet – lijkt de kerk dan niet vaak eerder geneigd om dat af te keuren en daarover te mopperen? De spiegel die het verhaal ons dan voorhoudt is: kunnen we zó geloven en kerk zijn dat we gericht zijn op het geheim van Jezus, van God - zonder dat we daarbij anderen ongemerkt de rug toekeren, buitensluiten en zelfs het zicht ontnemen? Kunnen we een beetje meer lijken op Jezus zelf, die veel verder kijkt dan die vaste ‘groep’ rondom hem, en oog heeft voor ieder mens afzonderlijk en die bij name wil noemen en aanwezig wil zijn in diens leven – ongeacht achtergrond, gedrag, verleden, reputatie etc…? Dus als kerk, als groep, op geen enkele manier onverschillig en buitensluitend zijn naar anderen, maar hartelijk, verwelkomend en – letterlijk – aansprekend. Tenslotte is dat wat Jezus nu juist nooit tegen iemand zegt of uitstraalt: ‘je kunt de boom in!’…

                                                                                                          Ds. Jelbert Versteeg

Eerdere meditaties uit Klankbord

Februari 2018 Genderneutraal? En beelden van Jezus.
In januari werd in enkele media bericht over een Zweedse kerk die had besloten om voortaan niet met een mannelijk maar onzijdig voornaamwoord naar Jezus te verwijzen. De kerkleiding wilde daarmee de kerk toegankelijker maken voor bijvoorbeeld transseksuelen en travestieten en duidelijk maken dat transpersonen zijn geschapen door God en hun lichamen ook behoren tot Gods mooie en unieke schepsels. De kerk erkent dat de historische Jezus een man was, maar acht dit minder relevant voor het christelijke geloof in het moderne Zweden: “Jezus is waarlijk God en waarlijk mens. Daarmee stijgt Jezus uit boven hem of haar.”


Januari 2018 Wie is welkom in de Grote Kerk? 
In de Grote Kerk Epe willen we in het bijzonder welkom heten: ieder die single is, getrouwd, gescheiden, verweduwd, samenwonend, hetero, homo, lesbo, transgender, vies rijk, vuil van armoede, yo no habla Ollandes


December 2017 Bij Johannes 1:5 Het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet in haar macht gekregen.

Advent: uitkijken naar de komst van het licht


Oktober 2017 Als ik dan
Als ik dan mijn ogen dichtdoe
en mijn laatste adem blaas
- zal er dan iets zijn waarin ik
gelukzalig mij verbaas?


September 2017 De boom in?
Als je tegen iemand zegt ‘je kunt de boom in’, dan is dat over het algemeen niet aardig bedoeld. Het laat aan duidelijkheid niets te wensen over: die ander kan je op dat moment even niets schelen. Misschien – en moet ik zeggen hopelijk? – is het een uitdrukking die u zelden of nooit gebruikt. Maar toch. Zou het kunnen dat we, onuitgesproken, onbewust en ongewild, een ander toch best weleens die boodschap geven: je kunt de boom in? Aan de hand van het verhaal van Zacheüs wil ik daar even nader op ingaan.


Augustus 2017 Over de drempel
Er zijn vermoedelijk meer mensen dan we gewoonlijk denken, die niet of nooit naar de kerk gaan, maar eigenlijk best nieuwsgierig zijn, open staan, interesse of zelfs een zeker verlangen hebben om eens een kerkdienst mee te maken. Maar als je geen enkele link hebt met een kerk, hoe kom je dan zover? 
Hoe open, gastvrij en verwelkomend we als gemeente zelf ook dénken dat we zijn (‘bij ons is immers iedereen welkom!’) - voor wie niet bekend is met de kerk, is de stap om een keer naar de kerk te gaan, toch een behoorlijk grote. Zo ben ik een keer opgebeld door iemand, die vroeg of hij een keer naar de kerk kon komen – of dat gewoon zomaar kon of dat je je eerst moest melden of iets dergelijks.