Concerten in de Grote Kerk

Concerten in de Grote Kerk

Vrijdag 16 maart, concert Alemet Oene, project Grace, aanvang 20.00 uurDe titel van het project is ‘Graces’. Het concert zal uit drie delen bestaan; my shield, my shepherd, my savior. En telkens lees meer:

22-03 t/m 12-04 SOBERE MAALTIJDEN - 40dagentijd

22-03 t/m 12-04 SOBERE MAALTIJDEN - 40dagentijd

Samen op weg naar PasenOntmoeting en bezinning bij vier sobere maaltijden                                      lees meer:

23-03-2019 Presentatie boek

23-03-2019 Presentatie boek "De oudste stem van het dorp"

Een bijzondere presentatie omlijst met koorzang en pianospel, zal plaatsvinden op zaterdag 23 maart 2019 om 15.00 uur in de Grote Kerk.Vrij toegankelijk. Ontvangst met koffie of thee vanaf 14.30 uur.We lees meer:

  • Concerten in de Grote Kerk

    Concerten in de Grote Kerk

    Vrijdag 16 maart, concert Alemet Oene, project Grace, aanvang 20.00 uurDe titel van het project...

  • 22-03 t/m 12-04 SOBERE MAALTIJDEN - 40dagentijd

    22-03 t/m 12-04 SOBERE MAALTIJDEN - 40dagentijd

    Samen op weg naar PasenOntmoeting en bezinning bij vier sobere maaltijden     ...

  • 23-03-2019 Presentatie boek

    23-03-2019 Presentatie boek "De oudste stem van het dorp"

    Een bijzondere presentatie omlijst met koorzang en pianospel, zal plaatsvinden op zaterdag 23...

Het sprookje van God en de wolf 
Er was eens… een tijd waarin mensen bij het woord ‘wolf’ vooral dachten aan een vervaarlijk fantasiedier uit een sprookje als Roodkapje, in plaats van een echt levend wild dier dat je in eigen omgeving tegen zou kunnen komen. Die onbezorgde tijd kwam ten einde toen de wolf wel degelijk een echt dier bleek te zijn, dat zich nota bene vlak bij ons in de buurt bevindt! En hoe: een vrouwtjeswolf, met de onuitsprekelijke naam GW998F, blijkt zich permanent te hebben gevestigd op de Noord-Veluwe. In onze directe omgeving dus als Epenaren! Niet dat een gewoon mens die wolf snel zal zien, want het is een schuw beest naar men zegt. Een wolf houdt zich vooral verborgen. De aanwezigheid van een wolf is dan ook vooral te merken aan de sporen die ervan te vinden zijn.
Is het met God voor sommige mensen niet net zo? Dat is toch ook een soort sprookjesfiguur, waar je echter voor het echte leven niet mee moet aankomen? Maar wie weet dat, net als met de wolf, ook Gods aanwezigheid nog eens meer kan blijken te zijn dan een sprookje? Inderdaad, ook God wordt niet snel zomaar gezien. Ook God is immers ‘in het verborgene’, zoals zelfs Jezus zelf zegt. Maar wie zegt dat God, die met JHWH ook een onuitsprekelijke naam draagt, niet ondertussen wel degelijk al vlakbij kan zijn? Misschien geldt ook voor God dat je diens aanwezigheid niet zomaar waarneemt, maar zich vooral laat ontdekken via sporen?
Voor sommigen gaat de vergelijking misschien nog wel verder. Tenminste, heel wat mensen lijken soms een beeld van God te hebben als een Grote Boze Wolf: een angstwekkende figuur om rekening mee te houden, over wie verteld wordt om mensen de nodige schrik aan te jagen zodat ze vooral braaf leren luisteren naar wat volwassenen vertellen. 
Dan wordt het toch tijd om de beeldspraak radicaal om te draaien. God een wolf? Juist in de Veertigdagentijd naar Pasen komt God in het verhaal over Jezus heel anders naar voren. Als we God werkelijk met een dier willen vergelijken, dan het tegenovergestelde van een wolf! Eerder een sullig, weerloos dier als een ezel: God zelf als de sjokkende ezel die Jezus gedienstig op zijn rug richting Jeruzalem draagt. Of denk aan een schaap, een onschuldig lam dat zich mak naar de slachtbank laat leiden. In de woorden van Jesaja: ‘Als een schaap dat naar de slacht wordt geleid, als een ooi die stil is bij haar scheerders, deed hij zijn mond niet open.’ (Jesaja 53:7)

Nee, dan is niet God, maar veeleer de mens zélf de wolf. Gelden niet alle slechte eigenschappen die de wolf toegedicht worden, minstens zozeer de mens? Doortrapt en zelfzuchtig en tot gruwelen in staat. Inderdaad: Homo homini lupus – de mens is een wolf voor de mens. Jezus waarschuwt zijn volgelingen er voor, en verwacht van hen iets anders: ‘Bedenk wel, ik zend jullie als schapen onder de wolven.’ (Matteüs 10:16)
Of met een echte wolf in onze omgeving alles goed zal verlopen, is afwachten. Schapenhouders zijn er bepaald niet gerust op, zij weten waartoe een wolf in staat is. De hoopvolle beeldspraken van Jesaja lijken dan wat al te rooskleurig. Maar zouden we die ook mogen toepassen op de verhouding tussen mens en God, en mensen onderling - wie dan ook het schaap is en wie de wolf: 
Dan zal een wolf zich neerleggen naast een lam (Jesaja 11:6)

Wolf en lam zullen samen weiden (Jesaja 65:25)

Een sprookjesachtig einde, maar dan wezenlijk: ‘en ze leefden nog lang en gelukkig….’
                                                                                                                                                                          Ds. Jelbert Versteeg

De regenboog als vlag die de lading dekt

Wie heeft er vorige maand niet iets meegekregen van de ophef naar aanleiding van de zogenaamde ‘Nashville-verklaring’? Dat is een gezamenlijke verklaring over zogenaamd ‘Bijbelse seksualiteit’ vanuit streng orthodoxe hoek van de kerken, vanwege hun zorgen over de staat van het huwelijk en de hele hedendaagse cultuur. Men beweert hierin bijvoorbeeld ‘dat het zondig is om homoseksuele onreinheid of transgenderisme goed te keuren. Wie deze wel goedkeurt wijkt fundamenteel af van de standvastigheid die van christenen verwacht mag worden en van het getuigenis waartoe zij geroepen zijn.’ 
Vele mensen die in hun levensweg al pijn en moeite genoeg hebben ervaren om wie ze zijn, voelden zich hierdoor nog weer eens keihard afgewezen en weggezet. Heel triest.

Bovendien spreekt men in die verklaring ook meteen maar uit dat dit ‘geen zaak is, waarover getrouwe christenen onderling van mening mogen verschillen.’ Oftewel, met doet het voorkomen of alleen zij het ware christelijke geloof vertegenwoordigen. Dat dát de enig geldende norm is, en dat gelovigen of kerken die het daar niet mee eens zijn, eigenlijk maar slap en afgedwaald zijn van de rechte leer. Alsof je, als je er anders over denkt, je eigenlijk niet eens christelijk mag heten.
Dat zit mij wel dwars. Want natuurlijk mag (en ik zou zelfs zeggen moet) je daar wel degelijk over van mening verschillen, en dat maakt je heus niet tot een minder ‘getrouwe’ gelovige of christen. Het betekent alleen dat je anders om gaat met de Bijbel – en dat heel bewust en op goede gronden.

Daar komt bij dat in deze tijd toch al breed het idee leeft dat ‘geloof’ vanzelfsprekend als achterlijk en achterhaald weggezet kan worden. En dat ‘kerk’ per definitie discriminerend uitpakt voor seksuele minderheden. Dat dat een beeld is dat vanuit het verleden kleeft aan de kerk, is, hoewel voor een deel begrijpelijk, toch al jammer genoeg. Maar die verklaring versterkt dan nog eens dat negatieve en wereldvreemde beeld, alsof ze voor alle kerken en gelovigen spreekt! Terwijl er tegenwoordig door vele gelovigen en kerken heel anders tegenaan wordt gekeken.

Daarom vind ik het daartegenover heel belangrijk om te laten zien en horen en vooral ook merken dat geloven wel degelijk ook heel anders kan. Dat je ook anders met de Bijbel kunt omgaan, of eigenlijk moet omgaan, dan hoe men dat in die verklaring doet. En dat als je homo’s en lesbiennes en transgenders als kerk ronduit accepteert - dat dat niet slap is, maar juist uit overtuiging over wat de boodschap van Jezus betekent in deze tijd.
Gelukkig daarom dat in vele kerken, net als in de Grote Kerk, echt ieder mens welkom is. Zonder voorbehoud. Onvoorwaardelijk. En om dát ook naar buiten toe te laten zien en te merken, heeft daarom die week ook een aantal dagen de regenboogvlag aan de Grote Kerk gehangen. Als vrolijk tegenwicht tegen zo’n verklaring. Als vlag die de lading dekt.

Ds. Jelbert Versteeg

Goed voornemen voor een nieuw jaar leven: vruchten           (bij Lucas 3: 7-14) 
Zo richting halverwege januari zijn de eerste goede voornemens voor het nieuwe jaar waarschijnlijk al weer gesneuveld. En dan toch nog iets over vruchten als een goed voornemen? Inderdaad, dan gaat dit stuk niet zomaar om een gezond ‘goed voornemen’ om in het nieuwe jaar meer fruit te eten. 
Breng vruchten voort die een nieuw leven waardig zijn!’ Dat zegt Johannes de Doper tegen de mensen, als hij ze er op wijst dat hun levensstijl zo in godsnaam niet langer door kan gaan. Het moet echt anders. En hij wijst ze naar een andere toekomst, een beweging van vernieuwing, een andere manier van leven die dichtbij komt in de komst van Jezus. ‘Breng vruchten voort die een nieuw leven waardig zijn!’ En de mensen stromen massaal toe om zich door hem te laten dopen. Kennelijk willen mensen dat wel, zoeken ze dat: een andere manier van leven. Ergens in ons spreekt dat toch aan: dat het anders moet en anders kan.
Dus daarom: ‘Breng vruchten voort die een nieuw leven waardig zijn!’ Maar hoe dan? Wat houdt dat nieuwe leven in? Moet je dan alles overhoop gooien, voortaan allemaal andere dingen gaan doen?
Hoe? Dat vroegen de mensen ook aan Johannes. En wat antwoordt hij? Iets ingewikkelds? Iets hoogdravends? Nee. ‘Heb je twee stel onderkleren, geef dan een stel weg aan iemand die dat hard nodig heeft. En heb je eten over, deel dan met iemand daar mee geholpen is.’ 
Dus hoe breng je vruchten voort die een nieuw leven waardig zijn? Je zou kunnen zeggen: Neem, gebruik, bezit, verlang niet meer dan je nodig hebt. Maar deel met elkaar. Zorg voor elkaar. En dat heel concreet. Is dat geen boodschap die ook nu stevig van toepassing is, met onze consumptiemaatschappij en klimaat- en energieprobleem en de enorme verschillen tussen rijk en arm?

Maar zijn die vruchten voor iedereen dan dus hetzelfde? Niet iedereen bekleedt toch dezelfde positie in het leven. Sommigen hebben meer invloed en verantwoordelijkheid en kansen dan anderen. Moeten de lasten van een nieuwe manier van leven niet ook eerlijk verdeeld worden?
Welnu, er kwamen bijvoorbeeld ook tollenaars bij Johannes. Tollenaars: precies, die corrupte belastinginners die er in hun werk wel voor zorgden dat ze er zelf flink beter van werden. En er kwamen ook soldaten. Soldaten in dienst van de bezettende heersende macht van die tijd, soldaten die gewone burgers naar eigen inzicht konden dwingen te gehoorzamen? Willen ook zulke tollenaars en soldaten ‘vruchten voortbrengen’ die een nieuw leven waardig zijn? Serieus?! Nou, dergelijke lui zal Johannes toch wel heel snel wegsturen? Of anders zullen ze toch zeker wel heel snel ander werk moeten gaan zoeken?! 

Toch is dat níet wat Johannes tegen ze zegt. Ook tollenaars en soldaten zijn uitgenodigd om zich aan te sluiten bij een andere, eerlijker toekomst. En wat is nu juist zo opvallend: zij mogen tollenaars en soldaten blijven! Maar wat zij in hun positie wel moeten doen? “Vorder niet meer dan wat jullie is opgedragen, doe je werk zonder iemand af te persen of jezelf te laten omkopen en neem genoegen met je soldij.” 
Oftewel: juist als je een positie hebt met verantwoordelijkheid en macht, met invloed en de mogelijkheid om jezelf veel toe te eigenen - gebruik je positie niet om jezelf te verrijken. Neem genoegen met een normaal salaris. En doe wat je doet eerlijk en eerzaam en gewetensvol. 

Is dat geen prachtige boodschap? Want dat betekent dat ieder op zijn of haar eigen plek de verandering kan zijn die God vraagt. Juist ieder op zijn of haar plek! Of je nu een CEO bent, een militair, een belastinginspecteur, een leraar, een advocaat, of je in de zorg werkt, of je een winkel hebt of bedrijf, of wat ook maar. En het gaat natuurlijk om meer dan alleen onze werkplek, het gaat om alles wat we doen: dus net zo goed als buurvrouw, of als lid van een vereniging, of als je zitting hebt in het bestuur van een stichting of hoort bij een gilde of je inzet voor een politieke partij. Overal waar jij je plek hebt, júist daar: op jouw eigen plek – daar ben jij het die verandering teweeg kan brengen. Die een verschil kan maken. En niemand anders.
In onze tijd moet het in veel opzichten anders: onze wereld en de toestand van de aarde schreeuwen om een nieuwe manier van leven. Geloven we dat een andere toekomst werkelijk mogelijk is? In de lijn van Johannes en Jezus worden we zonder uitzondering allemaal uitgenodigd om je aan te sluiten bij een andere toekomst. Is dat geen uitermate goed voornemen, niet alleen voor een nieuw jaar, maar voor een heel nieuw leven? ‘Breng vruchten voort die een nieuw leven waardig zijn!’ 
                                                                                                                             Ds. Jelbert Versteeg

The Advent Adventure: het leven als een avontuur

Kort geleden viel mij opeens op dat het woord Advent grote overeenkomst heeft met Adventure, het Engelse woord voor avontuur. Terwijl het twee woorden zijn die toch een heel verschillend gevoel oproepen. Zouden er dan qua betekenis toch ook overeenkomsten te vinden zijn? Valt er iets avontuurlijks te ontdekken aan advent? 

Eerst even terug, want wat was Advent ook al weer? Alleen voor wie bekend is met kerkelijke tradities zal het woord Advent niet vreemd klinken. Diegenen zullen dan misschien ook nog wel weten dat het met advent gaat om de speciale periode voorafgaand aan het Kerstfeest. 
Deze adventstijd beslaat de vier zondagen tot aan het Kerstfeest. Het woord is afgeleid van het Latijnse woord ‘adventus’, dat ‘komst’ betekent. In dit geval dus de komst van Christus in deze wereld, die we vieren met Kerst. Advent gaat zo aan Kerst vooraf als een periode van voorbereiding, inkeer, toewijding en toeleven naar. (En voor wie dat allemaal niet zoveel zegt, maar Kerst wel kent als mooi feest, zou je advent plat gezegd misschien ook een vorm van kerkelijk georganiseerde voorpret kunnen noemen?...)

Maar is dat dan alles? Vier vaste weken in het jaar, waarna per definitie het Kerstfeest volgt? Dan is er weinig avontuurlijks aan! Je kunt de kalender er op gelijk zetten! Terwijl avontuur toch juist eerder staat voor verrassing, niet weten wat er komt, voor het onbekende tegemoet gaan? Wat voor avontuur is er dan te beleven met advent?

Dat kun je gaan ontdekken als je Advent opvat als iets dat te maken heeft met heel je levenshouding
Als Kerst vertelt hoe God – in Jezus – naar de mensen komt en de toekomst verandert, en advent daarnaar uitziet en verlangt, dan kan dat ook een heel persoonlijke, spirituele dimensie hebben. Want ‘uitzien’ en ‘verlangen naar’ - dat veronderstelt dat je beseft dat het/je leven dus niet volmaakt of compleet is. Dat bevrijdt ons dus van de irreële verwachting dat het leven geheel vervuld zou moeten of kunnen zijn (een gedachte die nogal eens kan zorgen voor teleurstelling of bitterheid). Accepteer dat het leven nooit helemaal af zal zijn – het ultieme ligt altijd vóór ons, het moet nog komen (denk aan de komst van Advent!) 

De toekomst hangt nooit helemaal van onszelf af en hebben we nooit geheel in eigen hand. De kunst is dat te zien en te ervaren als iets positiefs. Namelijk, dat je hierdoor in het heden open kunt staan voor de toekomst - en voor hoe God die toekomst (met en voor en door jou) wil vormgeven. Zo bekeken is de toekomst ook nooit definitief bepaald of afgesloten, maar ligt die telkens weer fundamenteel open
Is dat geen inspirerende gedachte? Want dan is het leven nooit vastgeroest, maar kan op ieder moment in het heden - in elke keuze, in elke ontmoeting, in elke ervaring - iets van Godswege tot ons komen en daarmee een andere toekomst openen. Zodat ons leven niet opgaat in zelfgenoegzaamheid. Zodat wij onszelf niet (bewust of ongemerkt) opsluiten in onze eigen comfortabele bubbel. Zodat we ons niet neerleggen bij schijnbaar onveranderlijk onrecht. Zodat we niet denken dat we voorgoed veroordeeld zijn tot pijn en verdriet zoals die soms iemands verleden hebben bepaald. Zodat we ons niet afsluiten voor onze medemens. Zo houdt Advent altijd de mogelijkheid open van iets anders. En wij kunnen daarvan een levenshouding leren die onszelf en de toekomst open wil houden, open voor iets nieuws dat zich wil aandienen. Voor dat wat op ons toekomt.

Als de toekomst niet vastligt, dan ontdekken we vrijheid. Dan is er hoop. Dan kunnen we leren ontvankelijk en met overgave te leven. Vrijheid, hoop, ontvankelijk, overgave - kijk, dus toch: dan wordt het leven pas werkelijk avontuurlijk! Ik noem het daarom The Advent Adventure.

                                                                                                          Ds. Jelbert Versteeg
Mens zijn zoals een boom
(bij Psalm 1: 1-3)

1Gelukkig de mens
die niet meegaat met wie kwaad doen,
die de weg van zondaars niet betreedt,
bij spotters niet aan tafel zit,
2maar vreugde vindt in de wet van de HEER
en zich verdiept in zijn wet, dag en nacht.

3Hij zal zijn als een boom,
geplant aan stromend water.
Op tijd draagt hij vrucht,
zijn bladeren verdorren niet.
Alles wat hij doet komt tot bloei.

In het najaar zijn het altijd weer de bomen die in het oog springen. Met prachtige bruinrode en goudgele kleuren, met de vele vruchten, noten en bessen die ze tot in deze tijd van het jaar geven, en vervolgens ook met alle verdorrende en vallende bladeren. In de herfst trekken bomen meer dan anders onze aandacht.Bomen dus. Psalm 1 vergelijkt een mens met een boom. En wel een gelukkig mens met een boom ‘geplant aan stromend water’ - dus altijd voorzien van een bron van water en voeding. En daarom ook vruchten voortbrengend, en niet verdorrend. Alles wat hij doet komt tot bloei…
Wie wil er niet gelukkig zijn? En merken dat de dingen die je doet, tot bloei komen? Dat je zélf tot bloei komt, dat je vruchten voortbrengt in je leven. En niet stilaan verdort, maar gevoed en krachtig blijft.

Een gelukkig mens lijkt dus op een boom. Daar ging nog iets aan vooraf: gelukkig wordt geprezen wie niet meegaat met wie kwaad doen, zich niet inlaat met wat niks goeds oplevert; wie zich niet laat verleiden ‘het slechte pad’ op te gaan; en wie niet wil gaan horen bij de spotters, de miskende, boze en cynische mensen van deze wereld. Dat soort dingen maken geen mens gelukkig. 
Nee, gelukkig is veeleer iemand die in het leven blijft geloven in verschil tussen goed en kwaad, en vasthoudt aan een positieve, vreugdevolle leefwijze om altijd het goede te willen zien en nastreven. Dat zó het goede leven te vinden is, zou je kunnen karakteriseren met ‘de wet van de Heer’. 

Zó iemand is als een boom. Die staat stevig. Het is iemand die is geworteld. Ik zie daarin vooral een gezonde, hoopvolle levenshouding, waarin een mens erkent dat ons leven niet op zichzelf staat, maar, zoals een boom geworteld is, onzichtbaar verbonden, rustend en groeiend op een dragende ondergrond. Geluk is niet plat en oppervlakkig.
Noem het daarom wijs of spiritueel of gelovig of bewust, of nog anders. Maar wie zichzelf net als een boom geworteld weet en in verbinding blijft met de Bron als de ondergrond van je bestaan, wie de diepere lagen van het leven niet negeert maar zich als het ware van binnenuit laat voeden en drenken door een stroom van leven gevend water - zo iemand mag je denk ik een werkelijk gelukkig mens noemen. 

Kijk daarom deze herfst met nog extra aandacht naar al die mooie bomen die je ziet! Het kan zomaar een herinnering en aansporing zijn voor jezelf om zó mens te willen zijn: als een boom, die geworteld blijft en stevig staat, die tot bloei komt en vrucht draagt. Een gelukkig mens

                                                                                  Ds. Jelbert Versteeg

Eerdere meditaties uit Klankbord

Oktober 2018 Puppy-cursus met Paulus

Ten slotte, broeders en zusters, schenk aandacht aan alles wat waar is, alles wat edel is, alles wat rechtvaardig is, alles wat zuiver is, alles wat lieflijk is, alles wat eervol is, kortom, aan alles wat deugdzaam is en lof verdient.
(Fillipenzen 4:8)

Wij hebben sinds een paar weken een puppy. Een hoogblonde Golden Retriever en ze heet Sira. Een lief en prachtig beestje. Dat is natuurlijk hartstikke leuk, maar een puppy moet je natuurlijk wel opvoeden. Beter gezegd, die moet je trainen, want eigenlijk gaat het puur om het aanleren van gedrag. (Terwijl opvoeden iets anders is, dat doe je met kinderen, die je bepaalde normen en waarden en een wereldbeeld wil bijbrengen, zo dat ze zich die innerlijk eigen maken en daarvanuit leren om eigen keuzes te maken in het leven.)  


September 2018  God in Zwitserland

Bent u in de vakantieweken God nog ergens tegen gekomen? Wij waren in Zwitserland. En ja, God was er ook.

Hoe dan?
In het imponerende natuurschoon van beken en meren, bomen en bloemen bijvoorbeeld. (Véél bloemen, en vooral ook zoveel verschillende). 
En in de grootsheid van gebergte waartegenover je eigen kleinheid des te sterker ervaart (en waarvandaan je met afstand neerkijkt op de drukke bewoonde wereld van bewegend verkeer en krioelende mensen waardoor alles dan tegelijk heel nietig maar ook vredig oogt).  


Juli / Augustus 2018 Zeg niet

Zeg niet Vader
als jij je niet als kind gedraagt.
Zeg niet Onze
als je opgesloten zit in je egoïsme.
Zeg niet Die in de hemelen zijt
als je alleen maar aan aardse dingen denkt.
Zeg niet Uw naam worde geheiligd
als je alleen maar aan je eigen eer denkt. 


Juni 2018  Het derde geslacht en het vierde
Bij Exodus 20: 5 en 6 (NBV)

De laatste keer dat we in de Grote Kerk de Tien Woorden lazen (die toen in dialect klonken), hebben we deze verzen overgeslagen: ‘Voor de schuld van de ouders laat ik de kinderen boeten, en ook het derde geslacht en het vierde, wanneer ze mij haten; maar als ze mij liefhebben en doen wat ik gebied, bewijs ik hun mijn liefde tot in het duizendste geslacht.
Overgeslagen ja, want zijn dit geen Bijbelverzen om je tanden op stuk te bijten? Hoe moeten we dit opvatten? Dat hangt mede af van hoe je Godsbeeld is, en hoe iemand de Bijbel leest. 


Mei 2018  Meander mee

Wandelend langs het water van de beek,
die ingekaderd rechtdoor zijn weg vervolgt,
besef ik dat vele, vele druppels water
samen zijn gevloeid tot deze stroom.
 


April 2018  Tussen Pasen en Pinksteren: hoop die doet leven
Hoop
Diep in onszelf dragen wij de hoop.
Als dat niet het geval is,
is er geen hoop meer.